Wat zijn de risico's bij het ooglaseren?

Bij Vision Ooglaseren maken wij complicaties na de ooglaserbehandeling gelukkig zelden mee. Wij vinden het echter wel belangrijk dat je de meest voorkomende risico’s en complicaties kent, zodat je niet voor verrassingen komt te staan.

Dankzij moderne technieken en de testen die voorafgaand aan een operatie gedaan worden zijn de complicaties bij een ooglaserbehandeling zeldzaam. Net zoals voor iedere medische ingreep geldt ook voor refractiechirurgie dat er risico’s aan een behandeling verbonden zijn. Hieronder staan een aantal risico’s beschreven. Voor meer informatie verwijzen we je naar jouw behandelend arts.

Risico’s ooglaseren:

  • Over- of ondercorrectie
    Gewoonlijk is dit te verhelpen door middel van een tweede laserbehandeling, als de dikte van het hoornvlies dat toelaat. In uitzonderlijke gevallen kan het voorkomen dat er een niet te behandelen reststerkte overblijft.
  • Infecties
    Er is een kans op een infectie na een ooglaserbehandeling. Na de behandeling krijg je antibiotica en ontstekingsremmers om dit risico te beperken.
  • Droge ogen
    Doorgaans verdwijnen deze na 3 tot 6 maanden. Gedurende de eerste maanden gebruiken cliënten kunsttranen om droge ogen te verminderen.
  • Haze
    Na de behandeling kan een tijdelijke geringe vertroebeling van het hoornvliesoppervlak optreden, haze genoemd. De kans op haze is hooguit 5%. Na 3 tot 12 maanden is de helderheid in principe weer hersteld.
  • Halo’s of schitteringen rond lichtbronnen
    Dit verschijnsel doet zich gewoonlijk ’s nachts voor en verdwijnt doorgaans na enige tijd. Indien nodig, is het mogelijk dit probleem met pupilvernauwende oogdruppels te behandelen. Als het probleem zich blijft voordoen, kan dit in meer of mindere mate het ’s nachts rijden bemoeilijken.
  • Flapcomplicaties (alleen relevant bij de IntraLASIK Femtosecond ooglaserbehandeling)
    Denk aan: striae (kreukels) en verplaatsing van de flap. Het flapje kan dan worden teruggeplaatst. Als er sprake is van een onvolledige flap, moet de behandeling op een later tijdstip worden uitgevoerd. De kans op flapcomplicaties is slechts 1 op 800.

Na de behandeling krijgen cliënten altijd medicatie en leefregels mee. Door opvolging van deze regels wordt de kans op deze complicaties tot een minimum beperkt. Lees meer over: de controles na de ooglaserbehandeling en het herstel na ooglaseren.